Between Two Worlds
Muzikaal gezien wordt deze diverse en introspectieve reflectie geleverd door de lens van een aantal serieuze jazzreferenties. Met meer dan een decennium aan toeren op zijn naam, was Efraim een product van enkele van 's werelds meest prestigieuze conservatoria, waar hij afwisselend studeerde; aan de Manhattan School of Music, het Conservatorium van Enschede en het Conservatorium van Amsterdam. Zoals opgemerkt door All About Jazz, "verbindt zijn master onderzoek naar de muziek van de grote drumvernieuwer Tony Williams hem met de progressieve stroom van de Amerikaanse jazz."
Dit zich over verschillende werelden heen bewegen roept herinnering op aan enkele grote transatlantische groepen opgericht door spelers als Kenny Wheeler en Chick Corea, gecentreerd
rond drummers als Jack DeJohnette en Brian Blade, die een stijl vertegenwoordigen, die de levendige energie van de Amerikaanse jazz toevoegen aan de meer peinzende introspectie van de Europese canon.
Het kernkwartet op de plaat bevat een A-lijst van Nederlandse artiesten, met Suzan Veneman op de trompet, naast Daan Herweg (piano) en Hendrik Müller (contrabas). Het getuigt van zowel de originaliteit van de composities als de verbinding tussen de muzikanten, dat de muziek zo gemakkelijk vloeit, waarbij ze op het koord loopt tussen het nemen van risico's en
toegankelijkheid.
Overal lijkt de muziek inderdaad tussen werelden te duiken, van slapeloze nachten en een vreugdevol nieuw begin tot gouden zonsondergangen en beelden van de natuur. Wellicht het beste samengevat door het nummer ‘One Who Brings The Light', genoemd naar zijn zoon Abera, bewijst het album zowel een fascinerend uitje van de hedendaagse Europese jazz als
een oprecht eerbetoon aan de volgende stap in Efraims leven.